Erco Ercoupe


Up / terug

Een bouwdoos van de firma Thomas Designs - met Comet-trekjes.

Fraaie tekening, hout van prima kwaliteit, alle onderdelen d.m.v. laser uitgesneden ( een bijzondere eerste ervaring).

Wanneer wij even terug gaan in de tijd zien wij hoe de romp tot stand kwam...

De neus wijkt behoorlijk af van de tekening omdat er toch gewicht bij zal moeten en dit beter nut kan hebben in de vorm van sterkte i.p.v. louter ballast. Bij rubber-aangedreven modellen heeft de neus veel te lijden tijdens het opwinden (en de crashes!). Drie bamboe pennen houden de neus op zijn plaats en vallen in de gaten van een schot van dun triplex.

Hier worden de onderdelen van de 3 wielen van het landingsgestel met gemak uit de plank gehaald - een hele tegenstelling tot het snijwerk van de Comet-modelbouwers in de jaren '50.

De onderdelen worden op een meegeleverd aluminium buisje geregen, tot een geheel verlijmd en tenslotte geschuurd.

Nog een afwijking van het originele ontwerp is de toevoeging van deze lepel/doos verbinding die hopelijk voorkomt dat de voorlijsten van de vleugels in een vroeg stadium beschadigd raken door aanraking met obstakels.

Hier wordt een doos in de bestaande vleugelconstructie geïntegreerd.

Na een flinke pauze, waarin enkele andere modellen tot stand kwamen, krijgt de Ercoupe weer aandacht. De onderbreking werd benut om o.a. een besluit te nemen over de constructie van de cockpitkap. Deze keer geen kap-uit-een-geheel gevormd maar de drie lasergesneden stukjes folie uit de doos toegepast. De pasvorm bleek prima maar het plaatsen vergde veel denkwerk.

Bekleding: meervoudige rondingen kan men beter met kleine stukjes tegelijk aanpakken. Zelf doe ik dat door de tissue eerste vochtig te maken met een parfumverstuivertje. Het plakken van de tissue gaat erg goed met verdunde Perfax behanglijm, maar een alternative methode is om het raamwerk eerst van een spanlaklaag te voorzien en dan tijdens het aanbrengen van de vochtige tissue verdunner door de tissueranden te strijken met een penseeltje.

Mijn afwijkende vleugelophanging maakt dat het onderstel ook anders bevestigd wordt. Alle drie de poten hebben verende eigenschappen om de schokken van ruwe landingen wat te verzachten.

Papieren vloeistukken voor de vleugelwortels zijn kant-en-klaar lasergesneden. Zoals gewoonlijk lukte het mij niet om ze toe te passen en kwam er veel geknutsel bij kijken – en jammer genoeg ook veel papier en lijm.

Alle getoonde onderdelen bij elkaar wegen bijna 40 gram. Dat lijkt wat veel, maar de versterkte neus en het neuswiel zullen de noodzaak voor veel ballast wegnemen.

De horizontale en verticale staartdelen eisen veel aandacht bij rubber-aangedreven vliegtuigjes. Vaak worden deze veel te zwaar gebouwd, hetgeen ter compensatie ballast in de neus vereist. Een lichte constructie valt snel ten prooi aan kromtrekken of schade bij afstelling. In dit geval wordt een klassieke constructie gehanteerd voor de twee verticale onderdelen, maar het stabilo wordt van piepschuim gemaakt. Dun gesneden plakjes uit een plafondtegel worden voorzichtig glad geschuurd en met verdunde witte houtlijm behandeld opdat een gladde oppervlakte ontstaat die bestand is tegen het latere verf spuitwerk. Een stabilo uit piepschuim trekt nooit krom en laat zich op eenvoudige wijze afstellen door deze voorzichtig te buigen.


Een plakje plafondtegel wordt geschuurd en ingesmeerd met verdunde witte houtlijm..


De Ercoupe is klaar voor het zilverkleurige schilderwerk, maar eerst moeten de bevestigingen van de vertikale staartdelen worden herzien want deze gaan nu veel te snel stuk.


De Ercoupe wordt voorbereid op de eerste vlucht, 4½ jaar na het begin van de bouw. Als enige aanpassing was een beetje hoogteroer nodig...


De bouwdoos bevat kleine “decals” voor de afwerking van het model en een sjabloon voor de vleugel-belettering. Ouderwetse plakband t.b.v. Industriële verpakking, dat van een in water oplosbare lijmlaag is voorzien, dient als basis voor zelfgemaakte transfers. Eerst een laag spanlak (met wat wonderolie erin om het soepel te houden) en dan verf erop. De sjabloon dient om doorheen te snijden of om af te tekenen – beide methodes zie je hieronder. Omdat de rode letters ook nog een zwart randje moesten hebben werd het urenlang priegelen.

Hieronder is het cijfer 6 zojuist uitgesneden. Het bestaat uit bruin papier, een in water oplosbare lijmlaag, spanlak+wonderolie en twee kleuren verf. Nadat het in water geweekt is komt de spanlak/verflaag los van het papier en kan deze op het model afgeschoven worden.


De belettering is hier al bijna compleet. Zonder de wonderolie in de spanlak zouden deze letters en cijfers na het losweken erg kwetsbaar zijn en wellicht uiteen vallen – de olie is het geheim van de smid.


Zonder het zwarte randje zouden de rode letters wat saai zijn – het was de moeite van het priegelen wel waard.



Interscale 2015.



Omhoog