Suls “Astrid”


Up/terug

Dit gehavende scheepje werd mij aangereikt met het verzoek om er “iets mee te doen”. Het is in Alphen aan den Rijn bij de Zegerplas aangespoeld.

Omdat ik een liefhebber van “oldtimers” ben kon ik geen nee zeggen. Het balsahouten bootje is gebouwd van een bouwdoos van het Nederlandse merk “Suls” en werd eind jaren ’60 – begin jaren ’70 aan de man gebracht





Om een behoorlijke restauratie te kunnen doen zoek ik naar originele tekeningen en plaatjes van een dergelijk model. In het bijzonder zoek ik informatie over zeil, tuig en automatische stuurinrichting (van het Brain-type?).

Uw hulp in deze stel ik zeer op prijs!

Hier nog enkele plaatjes van een soortgelijk bootje dat op Internet werd verkocht:

Een tweede Marktplaats-exemplaar..

De plaatjes zijn mij aangereikt door Richard K. die waardevolle afmetingen en details vastlegde.

Eerder hielp Wim van E. mij aan plaatjes en ook met zijn jeugdherinneringen aan de bouw van het bootje..

Sturinrichting: een soort lollistokje met meerdere gaatjes, als koppeling tussen giek en roer. De uitslag zorgde voor tegenstuur, wat je met verstellen m.b.v. de gaatjes kon regelen. Een zijde zat vast aan het roer en de andere zijde met een elastiekje aan de achterstag oog op het dek. De giek zat dan ergens op het stokje aangesloten.

Het roer was een as met een moertje zoals ik me herinner en ik dacht dat er ook een helmstok op kon. Het geheel zette je goed handvast zodat het niet vanzelf stuurde. Om het te beschrijven, een lollistok met gaatjes. Het begin zat vast als een helmstok, het eind met een elastiekje aan de bevestiging van de achterstag. Dus als een achterstevoren gemonteerde helmstok, 8 cm lang. De giek zat dan met een haakje ergens in dat lollistokje, zodat het wegblazen van de giek, het roer meenam, zodat de boot niet oploefde.

( 0 0 0 0 0 0 0 0 0 ) <- zoiets dus.

Roeras, Giek Elastiekje

Zo gaf de automaat een beetje tegenwicht in teveel oploeven bij windvlagen. Ik heb het toen niet gebruikt, maar is denk ik niet makkelijk goed af te stellen. Te veel meesturen levert een gijp op.

Er stond voor zover ik me kan herinneren, niets op de zeilen. Het waren gewoon witte katoenen lapjes, waar mijn moeder nog de zoompjes in genaaid heeft. En natuurlijk de strepen die de banen moeten simuleren, want bolling had het niet.

Mast en de giek: 2 tegen elkaar gelijmde profieltjes met een groef waar je het zeil door trok. De giek was een rond stokje waar je het zeil aan vast naaide. Achteraf denk ik dat het beter was geweest om het alleen aan de voorkant vast te zetten en aan de achterkant te spannen. ( de halshoek en de schoothoek ) zodat de onderlijk gewoon los was. Dat ziet er denk ik beter uit.”



Omhoog