Suls Record Trainer


Up / terug

Na een afwezigheid van 45 jaar kwam er weer lijnbesturing in mijn leven. Ditmaal geen 0,8cc gloeiplugmotoren en dacron lijntjes van een paar meter maar ineens 1,5cc diesel en 15 meter lange staaldraad-lijnen. Voor de buitenstaander ziet het er wellicht wat kinderachtig uit maar eenmaal in de cirkel wordt het een ander verhaal.

Na deze Record Trainer, gebouwd van een vele malen doorgegeven tekening, zullen er beslist meer L/B modellen komen want het is allemaal dikke pret! Dit specifieke model was in de jaren '60 en '70 als bouwdoos van de firma Suls verkrijgbaar.

Deze plaatjes zijn genomen op een prachtige, zonnige dag op het clubterrein te Almere.

zo zag de bouwdoos er ooit uit ...

Hoewel mijn eerste Record Trainer nog prima vliegt word ik soms een beetje jaloers op mensen als Erik M. die erg mooie exemplaren bouwen. Aldus onstond deze, die ook nog eens 30% lichter is dan zijn rood-gele voorganger. De triplex neusverstevigingen zijn originele Suls bouwdooscomponenten! Er moeten nog wat leuke details bijkomen.

Omdat deze Record Trainer niet bedoeld is voor de Record Cup wedstrijden, is er een grote brandstoftank (Brodak) gemonteerd. Deze tank is gemodificeerd tot “uniflow” uitvoering.

Een andere variant is de VERGROOTTE versie – in dit geval 115% vergroot ten opzichte van het origineel. De aandrijving wordt verzorgd door de grote broer van de Webra Record, de 2,5 cc “Winner”. Ter vergelijking is voor de foto een origineel model over de grote-in-aanbouw geplaatst.

In mijn geval krijgt de grote trainer geen platte plankvleugel maar een holle plankvleugel met dik profiel en flaps. De romp van dit exemplaar is niet van balsa maar van redwood.

Na het (her)lezen van Ron Moulton's prachtige “Control Line Manual” werd besloten om een brandstoftank te maken die tussen carterdeksel en vleugelvoorlijst past opdat de brandstoftoevoerleiding zo kort mogelijk kan blijven. De reden hiervoor is dat mijn bestaande modellen last hebben van brandstofgebrek tijdens het stunten.

In plaats van het gebruikelijke huisjesmodel krijgt deze tank gewoon een doosvorm. Zo blijft de brandstoftoevoerleiding zo dicht mogelijk bij de motor en hebben centrifugaal- en zwaartekracht minder invloed. Een kartonnen prototype is heel handig. Het definitieve materiaal is afkomstig van een koekblik. Een goede blikschaar is onmisbaar als het er op aankomt om de lijntjes te volgen en het materiaal niet te vervormen.

Scherpe vouwen bezorgen een fraaier resultaat. De hiervoor gebruikte hulpmiddelen zijn ietwat geïmproviseerd maar dat maakt modelbouw nog leuker.

Hier krijgt de doos zijn vormen. De gaatjes voor de diverse leidingen zijn van tevoren gemaakt en hierbij is het kartonnen voorbeeld erg behulpzaam! Deze tank is uit één stuk gemaakt, wat voor- en nadelen heeft: zelf vind ik het strak solderen van losse zijstukken een lastiger karwei.

Alle buisjes wijzen naar voren, waar de motor zich bevindt en waar de krachtige luchtstroom vandaan komt. De twee buizen bovenop de tank zijn voor ontluchting tijdens het vullen (kan tijdens het vliegen afgestopt worden) en een luchthapper die voor druk in de tank zorgt (z.g. Uniflow systeem).

Mijn allereerste flap-installatie, opgebouwd uit allerlei restmateriaal. De U-vormige verbinding tussen de twee flaps scharniert in een messing buisje dat vastgesoldeerd is op een zadeltje van blik.

Achterlijst van de vleugel met het zadeltje op zijn plaats.

Met “de feestdagen” voor de boeg is de Winner Trainer alvast versierd.

Nog een paar lagen spanlak en de eindmontage kan plaatsvinden.

The Webra Winner 2,5 cc motor had bij de vorige eigenaar jarenlang in de schuur gelegen, na een hard bestaan in een combat model. Ondanks de uiterlijke beschadigingen en het korte sproeiernaaldje loopt hij “als de brandweer”.

Wie goed kijkt ziet een staartslof van verenstaal. De Record Trainer had dat niet, maar de naar voren geplaatste wielen maken dat de staart flinke klappen krijgt bij harde landingen, hetgeen tot schade lijdt. Vandaar deze schokdemper.

Mijn eerste model met flaps. De secundaire duw/trekstang is van bamboe met korte stukjes staaldraad aan de uiteinden.

De primaire duw/trekstang is van een fietsspaak gemaakt en loopt door de vleugel heen. Dit is gedaan om de tuimelaar onder de vleugel te houden (zoals in het oorspronkelijke ontwerp) terwijl de achterste lijn voor “up” dient hetgeen betere controle geeft bij stuntwerk. Zegt men.

Zodra ik met de afstelling tevreden ben zal ik deze verstelbare geleiders door vaste vervangen die ook weer lichter kunnen zijn.

Hier is het originele 1,5 cc model naast de 15% vergrootte versie geplaatst.

Ondertussen vliegt het eerste model nog verder. Omdat het zo goed vliegt nodigt het uit tot het maken van figuren maar het is de vraag of de piloot dat wel aankan. Regelmatig gaat de romp doormidden! Hieronder is de breuk weer verlijmd en verstevigd met nylon en epoxy.

Helemaal strak wordt het niet meer – ik moet denken aan de auto's op de Apeldoornse automarkt in de jaren '60 – plamuurbakken.

Het lichtgewicht exemplaar bleek geen succes. De te lage vleugelbelasting maakte het model een speelbal voor de wind, maar met name de dunne vleugel tordeerde hevig en riep zo veel weerstand op. Het probleem wordt aangepakt door de vleugel te dubbelen waardoor deze stijver wordt en het model zwaarder.

De gedubbelde vleugel werd het volgende debakel omdat het verschrikkelijk krom trok. Er zat niets anders op dan het geheel te verwijderen en een nieuwe vleugel te maken van stevig 6 mm balsa. Hieronder krijgt deze de gewenste aankleding waarbij beide kanten eerst in hun geheel van witte tissue zijn voorzien, ter versterking. Daarvóór kwamen er al 3 lagen poriënvuller op en daarna volgden een zestal lagen spanlak. Bij het aanbrengen van de tissue en de laklagen wordt altijd om-en-om gewerkt en steeds wordt de vleugel op de bouwplank vastgespeld.

Het model is weer klaar. Behalve de vleugels is ook de brandstoftank (voor de tweede keer) vernieuwd , is de stuurinrichting verbeterd en zijn de wielen vervangen.

Voor de lol zelf een paar wielen gedraaid van een triplex/balsa laminaat met messingbuis als lager. De eerdere lichtgewicht spaakwielen leken veel wind te vangen en mooi waren zij ook al niet.

Het hoorntje van het hoogteroer zit bij dit model aan de bovenkant om minder in het gras te haken, maar dat heeft tot gevolg dat de stuurlijnen gekruisd moeten worden om de standaardsituatie te behouden (en fouten bij het aanlijnen te voorkomen).

Met de brandstoftank dicht bij de motor ontstaan de minste problemen tijdens het maken van figuren. Ik verheug mij op de proefvluchten met het vernieuwde model.



Omhoog